Eindelijk hoeven jullie niet meer te wachten en heb ik eens actie ondernomen! Het heeft met verschillende factoren te maken dat ik zo lang niets meer van me liet horen op deze blog. Blijkbaar is mijn uitstelgedrag hier wat erger geworden, maar ook mijn laptop deed het niet. Na een zoektocht naar een transformator, die ik dus blijkbaar niet nodig had, volgde een zoektocht naar een nieuwe adaptor, want blijkbaar is de oude stuk. Ik heb werkelijk hele fietstochtjes gedaan, behoorlijk gezweet, met telkens een vijver op mijn rug, maar met een gewenst resultaat: ik kan weer op mijn laptop!
Hoe het nu met me gaat? Nu blijf ik twee daagjes thuis omdat ik wat ziekjes ben. Ja, de eerste keer hier in Suriname. Blijkbaar is de buikgriep in omloop en ik mag nog van geluk spreken dat ik niet moet braken en ‘poepen’ tegelijk. Het woordgebruik van het Surinaams Nederlands is wel wat anders dan het Vlaams en dat kan wel eens tot grappig klinkende zinsconstructies leiden. Trouwens, de bevolking hier vraagt openlijk naar wat ik heb als ze horen dat ik ziek ben, in Vlaanderen is dat eerder een privé-zaak. Ik krijg ook tips her en der: droog eten, warme soep, geen vet, cola met een mespuntje zout, en ga zo maar door. Die vriendelijke en open houding zal ik toch wel missen als ik terug ga naar mijn thuislandje. Ja, je wordt hier helemaal niet aan je lot overgelaten, ik krijg voortdurend tips en 'waarschuwingen'. Wat de Surinamers zeggen, volg ik dan ook op: niet op straat alleen in het donker, niet fietsen in het donker, alles goed afsluiten, niet alleen naar de centrale markt na sluitingstijd, geen taxi op straat nemen, niet met je gsm bezig zijn in die buurt, enz.
Als ik de taxi neem of ik word thuisgebracht schrikken ze vaak dat ik alleen thuis ben. Chiel gaat ook geregeld weg, en hij gaat binnenkort verhuizen. Hij kan hier niet goed slapen omdat een buur 's nachts de muziek erg luid zet. De huisbazin, Ingrid, is al eens bij die buur langs geweest, maar het gebeurt toch opnieuw... Wat ik zal doen als Chiel weg is, weet ik nog niet, want ik woon hier eigenlijk goed: kortbij de school en veilig. Ingrid heeft ook gevraagd aan het taxibedrijf links naast mij om het hier een beetje in het oog te houden, en zij zelf woont rechts naast mij. Zorgen maken over mijn veiligheid hoeft dus niet.
Jahoor, ik begin echt van dit landje te houden. Het land is wel groter dan België, maar de bevolking telt maar een half miljoen mensen. ‘Het is een kleine, maar open bevolking’, zijn de woorden van Ben Nicolai, die hier op bezoek is geweest, samen met Francis Loyens en een zekere meneer die Stefan heet. Alle drie komen ze van het KHLim, mijn school, hier mogelijkheden verkennen om in de toekomst stagiaires te sturen. Ze waren 10 dagen hier, met een erg druk programma, want ze hadden overal afspraken met allerlei mensen en instanties. Ik ben blij dat ze beseffen dat het hier overspoeld wordt met bakra’s: Nederlandse stagiaires die hier lekker wat willen genieten van de zon (ja, in de tuin van het internaat heb ik er al zien zonnen in bikini, waar de jongens van het internaat al kwijlend naar kijken) en intussen wordt het land ook populairder in Vlaanderen, maar Vlamingen zijn geliefder bij de Surinamers. Dus ze weten wel dat ze geen heel vliegtuig met KHLim-stagiaires hoeven toe te sturen.
Of ik dat trouwe Belgenlandje nog niet mis? Nee, daarvoor geniet ik te erg van mijn stage, de kinderen, het volkje en bovendien kom ik geregeld wel wat Vlamingen tegen waar ik mijn ervaringen mee kan uitwisselen. ‘Beleef je verblijf hier maar ten volle, met al je zintuigen: voelen, proeven, smaken, zien en ‘horen’, want binnenkort vertrek je weer uit Suriname, het gaat sneller dan je denkt’, is de wijze raad die ik van Ben heb meegekregen. Volgens mij ben ik al goed op weg.
Waar ben ik de laatste weken nog mee bezig geweest? Iedere weekdag laat ik mijn kop zien op het internaat, waar ik intussen mijn draai wel vind. Mevrouw Rosita is een pracht van een mentor, en ik krijg dan ook de kans om enkele ideetjes die ik heb, uit te voeren. Verder verloopt de samenwerking met Sherida (dove groepswerkster) en Lydia wel goed, Priscilla is intussen op zwangerschapsverlof. In het weekend gedraag ik mij meestal samen met andere Vlamingen als echte bakra’s (Sranan Tongo voor ‘blanke’): La Cav, ’t Vat of Broki zijn maar enkele plaatsen waar je alleen maar blanken ziet, en die worden bekeken als apen in de zoo door het Surinaamse manvolk.
Daarnaast neemt Henk, de voorzitter van Sudobe (Stichting Surinaamse Doven Belangen) mij overal mee naartoe: een Hindoestaanse bruiloft, bezoekjes aan doven, een Javaans geboortefeestje, naar Nieuw-Amsterdam, enz. In ruil daarvoor trakteer ik hem eens op een drankje of een etentje en probeer ik Sudobe te ondersteunen. Afgelopen zaterdag heeft Sudobe een activiteit georganiseerd. Pas maandagavond wisten ze echt wat ze moesten zeggen: dat was pas last-minute-voorbereiding! Er vond een soort van vorming plaats over mensenrechten en dovencultuur aan ouders van dove kinderen en dove volwassenen. Het was voor het bestuur de eerste keer dat ze zelf informatie gaven in SGT (Surinaamse Gebarentaal) aan een publiek. De opkomst was groter dan ik had verwacht en voor de geïnteresseerden: ik heb filmpjes gemaakt, die ik graag wil tonen als ik weer in België ben.
Neen, veel stilzitten doe ik hier niet, ik verveel me nooit. Ik heb contact met Vlamingen en Nederlanders en ik heb ook het geluk dat ik contacten heb met de lokale bevolking: de dove Surinamers. Veel bakra’s zoeken geen contact of vinden het moeilijk om contacten te leggen, en vallen dan terug op hun landgenoten… Dat probeer ik in zekere zin wel te vermijden, meestal spreek ik één keer per week af met bakra’s, maar als ik word meegevraagd of uitgenodigd door mensen van hier, krijgen die voorrang. En de Vlamingen waar ik contact mee heb, zijn zelf geen echte bakra’s die hier halfnaakt rondlopen met vlechtjes in hun haar en die twee keer per week naar de salsales gaan.
Hier in huis is het een puinhoop! Er is in geen tijden nog gekuist geweest, er staat een hoop afwas, mijn rommel ligt overal verspreid en ik word vergezeld door Chiel en enkele huisdieren. Mieren kom ik overal tegen, ook in de keuken, en salamanders kruipen ’s avonds over de muren en het plafond, zelfs in mijn glas. Kakkerlakken ben ik nog gelukkig niet tegengekomen, al heb ik wel al een zwart ding pijlsnel over de vloer zien gaan op een rustige avond. Vraag me niet wat het was. Oh, bijna was ik die venijnige muskieten vergeten te vernoemen: mijn voeten zien er vies uit door die rode bultjes, waarvan ik er ééntje per ongeluk heb open gekrabt. Andere plekjes op mijn lijf zijn minder populair, dus daar kom ik maar sporadisch een jeukerig spoor tegen. Honden lopen hier overal op straat en telkens hoop ik er geen mij zal aanvallen, want daar hoor ik wel eens van, maar het is mij nog niet overkomen. En soms zie ik eens een mannetje met een vogeltje in een kooi rondlopen waar ze hopen prijzen mee te winnen op de fameuze zangvogelwedstrijden op zondagvoormiddag. Allemaal beestjes dus. Wordt vervolgd, want een bezoekje aan de zoo, het regenwoud met slangen, brulapen en reuze-insekten en Galibi met zijn reuzeschildpadden mag niet ontbreken aan mijn verblijf hier in Suriname.
Ziezo, meer bijzonderheden heb ik niet te vertellen over mijn belevenissen hier. Wel beloof ik spoedig een nieuwe blogpost over de Surinaamse Dovengemeenschap.
Goedenavond.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Heyla Marieke,
BeantwoordenVerwijderenOei, ziek geweest. Hopelijk ben je nu terug beter. Pas maar op dat je geen malaria krijgt door die muskieten!
Hier gaat ook alles prima. Verrassingsactiviteit was geslaagd vond ik. Jammer da je nie bij was. ;-) Och, nog twee nachtjes slapen dan is het eetfestijn.
Ik vind het fijn om hier te lezen dat het alles goed met je gaat ginder en je goed voelt op je stageplaats. ;-D
Tot volgende blog ;-)
xxx
Hier in Paramaribo is er geen malaria, pas als ik naar het binnenland (naar een malariagebied) zou gaan, moet ik de pillen pakken. Dus geen zorgen ;)
BeantwoordenVerwijderenOh, dan is het goed. Nu zijn wij gerustgesteld. ;-)
BeantwoordenVerwijderenHoi Marieke, ik ben laatdoof en gebarentaal aan het leren. Nu ga ik binnenkort naar Suriname en zou ik wel in contact met Surinaamse doven willen komen. Kun je dan Nederlandse Gebarentaal gebruiken? Hoe doe jij dat eigenlijk op het Kennedy instituut? Mijn adres is jdvandenberg@gmail.com
BeantwoordenVerwijderenGroetjes, Jos